Anticonceptie
Conceptie: schematisch overzicht van de eisprong, de daaropvolgende bevruchting en de veranderingen in de bevruchte eicel tot de innesteling. De eicel die bij de eisprong uit de eierstok vrijkomt, wordt opgevangen door de trechtervormige mond van de eileider. In de eileider wordt de eicel getransporteerd door trilharen en door de werking van spieren in de wand van de eileider. Al heel snel wordt de eicel bevrucht door een zaadcel, een van de vele die vanuit de schede via de slijmprop de baarmoeder zijn binnengekomen en door de baarmoeder heen de eileider zijn binnengegaan. De kop van de zaadcel dringt (met de kern) naar binnen, de staart blijft buiten. Vervolgens versmelten de kern van de eicel en de kern van de zaadcel met elkaar tot één kern.
Om zwangerschap te voorkomen bestaan er verschillende methoden:
- de pil,
- een ring in de schede,
- een hormoonpleister,
- de prikpil,
- een hormoonstaafje in de bovenarm,
- verschillende soorten spiralen,
- timing door temperaturen of urinetesten,
-
mannen -en vrouwencondooms.
Welke methode u ook toepast, als u ermee stopt kunt u in principe meteen zwanger worden. De ene methode is veel betrouwbaarder dan de andere, maar bij alle methoden blijft er een kans op zwangerschap bestaan.
Anticonceptie betekent letterlijk: tegen conceptie, of tegen bevruchting. Anticonceptie is een manier om de bevruchting en/of innesteling van een bevruchte eicel tegen te gaan en dus de kans op een zwangerschap zo klein mogelijk te maken. Dit kan op meerdere manieren:
- door toediening van stoffen die voorkomen dat eicellen bij de vrouw uitrijpen en de eisprong optreedt (vb: de pil,ring, pleister),
- door ervoor te zorgen dat de zaadcellen de eicel niet kunnen bereiken door een barrière te creëren (vb:condoom, sterilisatie),
- door te voorkomen dat een bevruchte eicel zich in de baarmoeder nestelt (vb: het spiraal, minipil),
- door geen gemeenschap te hebben tijdens de vruchtbare periode (timen van de eisprong) of door geen zaadlozing in de schede te hebben.
Niet alle methoden zijn voor iedereen geschikt. Bepaalde risicofactoren kunnen bijvoorbeeld een mogelijke tegenindicatie vormen voor de pil. Als u een anticonceptiemethode kiest, is moeilijk te voorspellen of deze methode voor u ook de beste is. In ongeveer 10 procent van de gevallen is de gekozen methode uiteindelijk niet de meest ideale.
Uitgaande van de manier waarop anticonceptie werkt, kunnen we de methoden als volgt indelen.
Bij de hormonale methoden worden de hormonen die zorgen voor een eisprong, onderdrukt. Als bij de vrouw geen eisprong optreedt, kan geen bevruchting plaatsvinden. Ze zijn zeer betrouwbaar indien ze correct gebruikt worden!
Bij anticonceptie kunnen we twee groepen onderscheiden:
-
combinatiemiddelen met 2 vrouwelijke hormonen: oestrogenen en progestagenen,
-
middelen die alleen progestagenen bevatten: de minipil, hormonaal staafje, hormonaal spiraal, prikpil.
A. Combinatiemiddelen met oestrogenen en progestagenen: pil, ring, pleister
Anticonceptiepil
De pil moet u elke dag, het liefst op een vast tijdstip, innemen gedurende 21 of 22 dagen; daarna volgt een stopperiode van maximaal 7 dagen. In deze stopperiode is er meestal een bloeding van enkele dagen. Begin met een nieuwe strip op een vaste dag van de week.
Doorslikken van de pil zonder stopweek is mogelijk, maar de manier waarop is afhankelijk van de samenstelling van de pil die u gebruikt. Overleg bij twijfel met uw arts.
De meeste pillen zijn eenfasepillen: elke pil heeft dezelfde samenstelling. Twee- en driefasenpillen hebben twee respectievelijk drie verschillende samenstellingen na elkaar; ook hier is er een stopweek. Voor het slikken van de pil moet u dus bij de twee- en driefasenpillen, goed op de volgorde letten.
Anticonceptiering
Deze flexibele ring in de schede geeft een constante lage dosis hormonen af, dezelfde hormonen als deze in de klassieke pil. Deze komen via de vaginawand rechtstreeks in de bloedbaan terecht. Omdat de hormonen niet eerst via de lever passeren kan de dosis laag worden gehouden. Ook de maag-darmtractus wordt omzeild, waardoor braken, diarree of de inname van antibiotica geen enkele invloed hebben op de betrouwbaarheid van de methode.De ring kan drie weken blijven zitten; daarna is er een stopweek. U kunt de ring gemakkelijk zelf inbrengen en verwijderen. Met de vaginale ring hoef je slechts 1x/maand aan je contraceptie te denken.
Het is mogelijk met én zonder ring gemeenschap te hebben, maar de ring mag niet langer dan drie uur uit de schede blijven.
Anticonceptiepleister
Deze huidpleister is een dunne huidkleurige pleister die een constante hoeveelheid hormoon afgeeft aan het lichaam. De pleister moet eenmaal per week worden vervangen; na drie weken is er een stopweek. In deze week volgt de menstruatie. De pleister kan overal op de huid geplakt worden.
Deze middelen bootsen een normale menstruatiecyclus na. De oestrogenen zorgen voor een regelmaat in de menstruatie. Iedere maand, in de stopweek, treedt een bloeding op die op een menstruatie lijkt, maar onttrekkingbloeding wordt genoemd.
B. Middelen met alleen progestagenen
Bij het gebruik van middelen die alleen progesteron afgeven is vaak geen menstruatiecyclus meer herkenbaar. Ongeveer eenderde van de vrouwen heeft helemaal geen bloedverlies meer, eenderde heeft nog een herkenbare cyclus maar minder bloedverlies, en eenderde heeft bloedverlies dat niet te voorspellen is, wat soms hinderlijk wordt gevonden. Het totale bloedverlies is bij het gebruik van deze middelen echter minder dan wanneer er geen hormonen zouden worden gebruikt. Ook als de bloedingen wegblijven, is het middel betrouwbaar.
Minipil
De minipil wordt voornamelijk gebruikt tijdens de borstvoeding of door vrouwen die geen oestrogenen mogen gebruiken. Dagelijks 1 pil zonder stopweek, liefst op hetzelfde tijdstip. De minipil gebruikt u continu en is net zo betrouwbaar als de combinatiemiddelen.
Prikpil
De prikpil is een injectie in de spier, die eens per drie maanden wordt gegeven. De prikpil heeft als nadeel dat het na het stoppen soms lang kan duren voordat de gewone cyclus weer terugkomt: maximaal een jaar. Als voordeel kan gelden dat u slechts vier keer per jaar aan anticonceptie hoeft te denken. Als u klachten hebt door de prikpil, kan het toegediende hormoon niet worden weggehaald en moet u wachten tot de hormonen vanzelf uit uw lichaam zijn verdwenen.
Hormoonstaafje
Het hormoonstaafje is 4 centimeter lang en geeft een constante hoeveelheid progesteron af; het wordt na lokale verdoving door de arts in de bovenarm net onder de huid ingebracht.
Het hormoonstaafje kan drie jaar blijven zitten. Het inbrengen en verwijderen moet gebeuren door een arts die bekend is met de methode.
Er bestaan meerdere soorten spiralen, die kunnen worden onderscheiden in twee groepen.
-
Koperspiraal
De werking van een spiraaltje berust op de aanwezigheid van een vreemd lichaam in de baarmoeder waardoor de eicel zich niet kan innestelen. Daarnaast maakt het koper de zaadcellen inactief, waardoor deze niet meer in staat zijn een eicel binnen te dringen.
-
Hormoonspiraal (Mirena®)
Het beïnvloedt het slijm van de baarmoedermond zodat de zaadcellen minder goed in staat zijn door de baarmoedermond te gaan. Ook wordt het slijmvlies van de baarmoeder minder opgebouwd zodat innesteling nauwelijks voorkomt. Een aangenaam neveneffect is dat de meeste vrouwen hierbij geen maandstonden meer hebben of fel verminderen. Het wordt daarom ook vaak voorgeschreven bij hevige-, pijnlijke- of onregelmatige maandstonden. Het hormoonspiraal kan, zeker in de eerste maanden, onregelmatig bloedverlies veroorzaken maar na een jaar gebruik van het hormoonspiraal is 80 procent van de vrouwen tevreden. Ongeveer 25 procent heeft geen menstruaties meer, ongeveer 50 procent heeft nog wel bloedverlies, maar veel minder.
Beide spiralen kunnen ten minste vijf jaar blijven zitten en kunnen gemakkelijk verwijderd worden waarna de fertiliteit zich hersteld.
Bij sterilisatie van de man worden onder plaatselijke verdoving de zaadstrengen afgebonden. Dit heet een vasectomie.
Sterilisatie van de vrouw kan laparoscopisch (door middel van een kijkoperatie in de buik) onder algehele narcose gebeuren; de eileiders worden dan met een een clip afgesloten (zie folder VVOG).
De methode biedt een definitieve anticonceptie en dient slechts toegepast te worden bij voldane kinderwens!
Wat als de anticonceptie vergeten of niet goed gebruikt is?
Als de anticonceptie vergeten of niet goed gebruikt is, is het mogelijk de kans op een eventuele zwangerschap te verkleinen met de morning-afterpil (Norlevo®). De pil moet zo snel mogelijk worden ingenomen na onbeschermd seksueel contact maar kan maximaal drie dagen na onbeschermde gemeenschap nog effect hebben. Deze kan U zonder voorschrift kopen bij de apotheek en is volledig terugbetaald onder de leeftijd van 21 jaar.
U kunt ook door een arts een spiraal (meestal een koperhoudend spiraal) laten plaatsen, tot vijf dagen na de onbeschermde gemeenschap.