www.uzbrussel.be

fr en

Wie zijn al die mensen die hier rondlopen?

Verpleegkundigen Els, Karin, Hilde en Peter zijn de hele dag in de buurt. Ze doen zowat alles voor je: bed opmaken, pilletjes geven, wassen, eten brengen, koorts opmeten, bloed prikken. Ze komen af en toe kijken of je iets nodig hebt. Ook ’s avonds, voor je gaat slapen, komen ze je nog even onderstoppen. De meeste verpleegkundigen zijn vrouwen, maar er zijn natuurlijk ook mannen. Ze zijn héééééééééééél aardig, maar als het erg druk is en er veel kinderen zijn, hebben ze soms niet zoveel tijd om met iedereen spelletjes te spelen, want dan moeten ze snel van het ene kind naar het andere rennen.

En daar is de dokter aan wie je alles mag vragen:

  • hoe lang moet ik nog blijven?
  • wat ga je nu met me doen?
  • kom je mij beter maken?

Een dokter kan zowel een heel lieve meneer zijn als een heel lieve mevrouw. Ze hebben meestal zo’n ding om hun hals hangen met een koud stukje metaal waarmee ze naar je hart luisteren.

De “sssjjierurg” zeggen ze tegen een chirurg. Wel, dat is een dokter die je opereert. Hij haalt bijvoorbeeld het staartje van je blindedarm uit je buik of zorgt ervoor dat je ogen terug mooi staan. Maar voordat de chirurg iets kan doen, komt de anesthesist. Die kan je doen slapen, ook al heb je helemaal geen slaap.
Dat doet hij door je een prik te geven, of door je een maskertjes van doorschijnend plastiek op je neus te zetten, net zoals een piloot van een straaljager. De anesthesist vraagt dan meestal of je tot 10 kan tellen, en voordat je aan 3 bent lig je al lekker te slapen.
Sommige kinderen moeten dagen stil in bed blijven liggen. Ze mogen bijna niet opstaan. Daarna voelen je benen raar aan. Het is net of je opnieuw moet leren lopen. Om dat te leren ga je bij een kinesist. Een kinesist is iemand die je gewoon allerlei oefeningen laat doen en zorgt dat al je spieren weer soepel worden. Ook als je terug thuis bent moet je soms nog een paar weken naar de kinesist.

En wie zorgt ervoor dat alles netjes schoon is? De poetsvrouw. Leuk hé, dat je dan lekker vanuit je bed mag toekijken hoe alles wordt schoongemaakt? Tegen haar kan je ook gezellig wat kletsen!

Een klasjuf is er ook in het ziekenhuis. Ze is heel aardig. Weet je al hoe ze heet? Ze is niet de enige juf, er is ook nog een andere juf. Die verzint allerlei leuke spelletjes in de grote speelzaal. Als je al een klein beetje beter bent, mag je daar spelletjes spelen of muziek beluisteren. Er is ook een poppenkast waar je je eigen voorstelling mag geven. Soms wordt er een heel spannend verhaal verteld. De juf kan je ook helpen met rekenen of taal.
Je bent er natuurlijk niet alleen.
Alle kinderen die een beetje beter zijn, komen naar de speelzaal of naar de klas. Wedden dat je heel snel vriendjes maakt?

Als je niet naar de speelzaal of naar de klas kan gaan omdat je te ziek bent, komt de juf elke dag even bij je langs. Ze kan je dan een boek meebrengen van de bibliotheek of een puzzel.

En af en toe komen de … ziekenhuisclowns, dat zijn gekke mensen met van die rode neuzen op die allerlei grapjes uithalen met jou en de verpleegkundigen.