Geschiedenis en evolutie van de dienst
De grondlegger en het eerste diensthoofd endocrinologie was prof. L. Vanhaelst, die samen met zijn opvolgster, prof. B. Velkeniers, de consultaties voor hun rekening namen. Initieel beperkte deze zich tot patiënten met schildklieraandoeningen, en soms eens een hypofyse probleem. Geleidelijk is het aantal consultaties toegenomen en werd de complexiteit van de pathologieën uitgebreid, in die mate dat er ook meer multidisciplinaire consultaties ontstonden.
Hypofyseconsultatie
Zo ontstond o.a. de hypofyseconsultatie, is samenwerking met neurochirugie (prof. J. D’Haens) waar het hormonale hypofyseaspect en de pre- en postoperatieve kant van een hypofyseaandoening samen worden behandeld. Dergelijke consultatie bestaat ook op het vlak van osteoporose, met de dienst reumatologie (prof. L. Verbruggen).
Sinds het begin van de dienst is de aanpak van schildklieraandoeningen steeds een stokpaardje geweest. Naast een optimale dienstverlening naar de patiënt toe werd naar nog een stap verder gestreefd, nl. een multidisicplinaire consultatie (een echte (schildklier) doorstroom kliniek). Het beste voorbeeld betreft de aanpak van een schildkliernodule. De dag van de consultatie kan de patiënt een door de radioloog uitgevoerde echogeleide punctie ondergaan. Terwijl de cytologie door de patholoog wordt afgelezen, kan nog een scintigrafie uitgevoerd worden op de dienst radio-isotopen. Indien er zich een operatieve indicatie stelt, kan heelkunde binnen de paar weken plaatsvinden.
Klinisch onderzoek
Buiten de klinische activiteit wordt er ook klinisch onderzoek verricht en meer in het bijzonder onderzoek naar het verband tussen schildklieraandoeningen en onvruchtbaarheid. Onderzoek naar de regulatie van de hypofyse in normale en pathologische toestanden. Onderzoek in het domein van obesitas.