Transoesofagale echocardiogram (slokdarmecho)

Transoesofagale echocardiogram (slokdarmecho)

Bij een transoesofagale echocardiografie maakt de cardioloog gebruik van een sonde die via de slokdarm tot achter uw hart wordt gebracht. De slokdarmecho heeft als voordeel dat uw organen die dicht bij de slokdarm liggen, veel beter in beeld worden gebracht in vergelijking met een transthoracale echocardiogram. Uw hart en aorta, alsook de kleinere hartstructuren zoals de voorkamers, de grote bloedvaten en de mitralis- en tricuspidalisklep, kunnen bestudeerd worden.

Voor het onderzoek

  • U moet nuchter zijn. 
  • Het risico verbonden aan het verrichten van dit onderzoek is bijzonder klein. Een uitermate zeldzame complicatie is de slokdarmperforatie. Om dit risico tot een minimum te herleiden, wordt aan u gevraagd of u in het dagelijkse leven slikproblemen ondervindt. Indien dit het geval is, zal er eerst een gastroscopie verricht worden. Het onderzoek is tegenaangewezen bij patiënten die een gekend divertikel van Zenker hebben, een uitstulping van de slokdarm die vaak slikproblemen geeft, alsook bij personen die een tumor van de slokdarm vertonen.

Het onderzoek

  1. Uw keel wordt lokaal verdoofd door middel van een spray. Deze verdoving zorgt er voor dat het onderzoek niet pijnlijk is. Wanneer u allergisch bent aan lokale anesthetica zoals Xylocaïne, moet de arts verwittigd worden.
     
  2. Als het inbrengen van de sonde moeilijk verloopt, kan dit vergemakkelijkt worden door het toedienen van een spierontspanner (dormicum) waardoor u een beetje slaperig wordt en de spiertonus verslapt.
     
  3. U gaat op uw linkerzijde op de onderzoekstafel liggen.
     
  4. De arts brengt de sonde langzaam in via de keel en vraagt u om een slikbeweging te maken waardoor hij de sonde kan opschuiven tot in de slokdarm. Dit kan een onaangenaam gevoel geven en soms veroorzaakt dit braakneigingen. Het ademen door de neus en via de buik voorkomt of onderdrukt dit gevoel.
     
  5. Eens de sonde ter plaatse is, maakt de arts vanuit verschillende hoeken de nodige beelden van uw hart.
     
  6. De duur van dit onderzoek varieert van patiënt tot patiënt, maar duurt meestal niet langer dan 20 minuten.

Na het onderzoek

  • Indien een spierontspanner (dormicum) werd toegediend, is het mogelijk dat u na het onderzoek wat duizelig en minder alert bent. Daardoor is het gevaarlijk om een wagen te besturen, en brengt u best een begeleider mee die u naar huis kan brengen.
  • Soms kan uw keel tot enkele uren na het onderzoek wat gevoelig zijn. Het is aangeraden om minstens nog 1 uur te wachten alvorens iets te eten of drinken om verslikken te voorkomen.