Covid-19: belangrijk voor niertransplantatiepatiënten


Niertransplantatie

Wanneer u als patiënt te maken krijgt met een vergevorderd stadium van nierfalen, kan niertransplantatie een optie zijn. Deze behandelingsvorm is de meest fysiologische, omdat een nieuw orgaan de functie van het oude orgaan vervangt. Bij een niertransplantatie wordt een donornier door middel van een operatie in het lichaam gebracht van een persoon met nierfalen. Deze donornier kan afkomstig zijn van een levende of een overleden donor. 

Overleden donor

Transplantatie gebeurt in België meestal met nieren afkomstig van overleden donoren. Omdat er een zekere overeenkomst moet bestaan tussen de weefselkarakteristieken van de donor en de ontvanger, wordt de patiënt op een wachtlijst geplaatst tot het voor haar of hem meest geschikte orgaan beschikbaar is. De nieren worden toegewezen via het internationale uitwisselingsorganisme Eurotransplant International (ETI), waarmee alle transplantatiecentra in België, Nederland, Luxemburg, Duitsland, Oostenrijk, Slovenië en Kroatië samenwerken. 

Levende donor

Omdat er steeds minder goede overleden donoren beschikbaar zijn, gaat men vaker over tot transplantatie aan de hand van een levende donor, dit wil zeggen dat men gebruik maakt van een nier van een gezonde verwant (familietransplantatie) of van een donor die emotioneel aan de ontvanger verbonden is (bv. partner). De resultaten op lange termijn zijn met een levende donor het gunstigst.

Onderdrukking van het afweersysteem

Omdat er nooit een volledige overeenkomst is tussen donor en ontvanger, is na de transplantatie een levenslange behandeling met immunosuppressiva noodzakelijk. Deze geneesmiddelen onderdrukken het afweersysteem, en zorgen er zo voor dat het lichaam de nieuwe nier niet afstoot.