Diagnostiek, een luxeproduct!

Diagnostiek, een luxeproduct!

12 juni 2019

Als het over ontwikkelingsstoornissen gaat, behelst het vaak de wachtlijsten. Laat ons het daar deze keer níet over hebben. Maar wél over de prijs die kinderen en ouders letterlijk en figuurlijk betalen voor diagnostiek, als ze het al kunnen betalen...

Is dit nog normaal? Uw kind loopt vast op school, mevrouw? Opstandig thuis? Huilt veel, maakt zich kwaad, is gefrustreerd? Kan zich moeilijk uitdrukken en is onhandig? De school weet niet meer hoe dit aan te pakken, en u eigenlijk ook niet? Ja, u kan zeker aanmelden voor diagnostiek binnen ons centrum. Uw kind is 8 jaar en woont in Vlaanderen? Dat zal dan ergens tussen de 600 en 800 euro kosten, mevrouw. Jawel, u heeft me goed verstaan. Maar wij bieden wel de mogelijkheid om een afbetalingsplan aan te gaan, mevrouw. O ja, als u zich vorig jaar had aangemeld of moest u in Brussel wonen, dan had u slechts 69 euro betaald... 🙁

Een rendabele investering

Dyslexie, ADHD, rekenstoornis, autisme, … iedereen heeft er wel eens van gehoord of kent iemand in de eigen omgeving met een ontwikkelingsstoornis. Kenmerkend is dat hoe vroeger de diagnose gesteld en de ondersteuning opgestart wordt, hoe beter de outcome is. Dat heeft ook langetermijneffecten op bijvoorbeeld tewerkstelling, het sociaal-emotioneel functioneren, delinquentie, het gezinsleven, medische consumptie. Om een doelgericht ondersteuningstraject op te starten, moet het probleem eerst correct geïdentificeerd worden. Dus diagnostiek. Kwaliteitsvolle diagnostiek van ontwikkelingsstoornissen gebeurt multidisciplinair. Alleen zo kan de ontwikkeling van het kind op alle ontwikkelingsvlakken (motoriek, taal, cognitie, …) grondig geëvalueerd worden. Zo’n multidisciplinair bilan bestaat al snel uit 10 uren onderzoek en gesprekken en enkele uren aan overleg en verslaggeving.

Diagnostiek? Onbetaalbaar!

Voor sommigen is die diagnostiek echter onbetaalbaar. Een frustratie waarmee ik, als directeur van het Centrum voor Ontwikkelingsstoornissen Brussel, dagelijks geconfronteerd word. Een frustratie die ik deel met vele ouders en collega’s.

Tot het einde van het 1ste leerjaar kunnen kinderen voor diagnostiek terecht binnen het Centrum voor Ontwikkelingsstoornissen. Daar bedraagt de ouderbijdrage – dankzij de subsidies van de Vlaamse Gemeenschap – maximum 69,42 euro voor een volledig multidisciplinair bilan. Kinderen vanaf het 1ste leerjaar tot eind humaniora kunnen – mits ze gedomicilieerd zijn in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en naar school gaan in het Nederlandstalig onderwijs – terecht bij het COS+. Daar bedraagt de ouderbijdrage – net als binnen het COS – maximaal 69,42 euro. Dit dankzij de extra subsidiëring van de Vlaamse Gemeenschapscommissie die ons toegekend werd. Projectmatig. Jaar na jaar wordt geëvalueerd of deze subsidiëring verdergezet wordt of niet.

Discriminatie door leeftijd en woonplaats

De financiële toegankelijkheid van diagnostiek hangt dus samen met de leeftijd van het kind en de plaats waar het woont. Daarnaast hangt de toegang tot diagnostiek, voor een grote groep kinderen, ook nog eens af van de financiële mogelijkheden van de ouders. Ouders gaan al een afbetalingsplan aan enkel om het probleem te identificeren, zonder nog maar te denken aan de kosten die de revalidatie en ondersteuning gedurende jaren met zich zullen meebrengen. Het alternatief is kinderen ‘verder te laten aanmodderen en frustraties te laten oplopen’!

“Ik kan dat niet betalen, mevrouw”

Gisteren nog een aanmelding. Jongen van 14 jaar, al 4 keer van school veranderd, al 2 jaar logopedie gevolgd, in het 1ste en 5de leerjaar ‘half en half’ ergens wat diagnostiek doorlopen, maar de ondersteuning die erop volgde had niet het gehoopte resultaat. De school geeft aan dat hij zijn jaar zal moeten overdoen, ondanks zijn goede inzet en wilskracht (“rapport Kerstmis 7 tekorten, rapport Pasen maar 5”). CLB vraagt om diagnostiek en advies om doelgericht te kunnen ondersteunen. Gezin met 4 kinderen, woont in Geraardsbergen. In Vlaanderen. “Ik kan dit niet betalen, mevrouw. Dan zal mijn zoon zijn jaar maar moeten overdoen. Maar niet in dezelfde school. Dan laat ik hem nog eens overstappen.” Veel verbeelding heb je niet nodig om aan te voelen welk effect dit heeft op de puber. Hoe zijn heden en toekomst gehypothekeerd worden. Het kan ook anders.

Oproep aan de politici!

De huidige bevoegde ministers erkennen de problematiek en hebben al veel inspanningen geleverd om hier aan tegemoet te komen, maar dit is duidelijk onvoldoende om het ook op te lossen.

Je moet maar de pech hebben dat je in Vlaanderen woont, dat je ontwikkeling anders verloopt en dat je de kleuterleeftijd voorbij bent. Zorg moet toegankelijk zijn voor elk kind en moet het communautaire overstijgen. Een Belgisch kind moet in het ganse land dezelfde kwalitatieve zorg aan de dezelfde toegankelijke prijs kunnen krijgen. Politici, aller partijen, verenigt u! Zet partij- en andere belangen opzij en geef prioriteit aan de rechten van het kind!

Elk blogbericht op ‘UZ Brussel blogt’ weerspiegelt enkel de mening van de respectievelijke auteur.

Eva Cloet Eva Cloet
Eva Cloet
Directeur van het Centrum voor Ontwikkelingsstoornissen (COS)
Eva Cloet studeerde Logopedie en is MSc in het Management en Beleid van de Gezondheidszorg. Sinds 2010 is ze directeur van het Centrum voor Ontwikkelingsstoornissen Brussel en coördineert ze de werking van de dienst Kinderneurologie in het UZ Brussel. Eva doet eveneens onderzoek in het domein van de organisatie en het beleid van de gezondheidszorg binnen de groep 'Organization, Policy and Social Inequalities in Healthcare' aan de Vrije Universiteit Brussel. Ze werkt momenteel aan een doctoraatsonderzoek rond de organisatie en het beleid van multidisciplinaire diagnostiek van ontwikkelingsstoornissen bij kinderen in België.