Laten we het nu doen!

Laten we het nu doen!

20 oktober 2022

Wat is er voor een zorgverstrekker fijner dan een zorgvrager die goed weet wat hem overkomt, waarom een behandeling nodig is en die zijn best doet om die correct te volgen? Wat is aangenamer dan als zorgvrager en zorgverstrekker op basis van een open, respectvolle en gelijkwaardige relatie samen te werken om het doel te bereiken dat de zorgvrager zich heeft gesteld? Waarom doen we dat dan niet gewoon zo?

Het zorgsysteem werkt dat tegen, wordt gezegd, en dat is ten dele waar. Er is personeelstekort en hoge tijdsdruk en wie in de zorg goed z’n boterham wil verdienen, moet hard en veel werken. De financiële focus ligt op kwantiteit, niet op kwaliteit. Dat zijn overbekende feiten en het moet overduidelijk anders. Er wordt door overheden en politici over nagedacht en het is te hopen dat de betrokken belangengroepen over het muurtje van hun eigenbelang willen kijken om zo het algemeen belang voor ogen te krijgen.

Maar een minstens even belangrijke reden is gekoppeld aan attitude, de attitude van alle betrokkenen.

Die van de zorgverstrekkers in de eerste plaats. Ik denk dat je voor die attitudeverandering echt wel van een paradigmashift kan spreken en ik besef dat dit een duur woord is. Als zorgverstrekker word je technisch en biomedisch opgeleid om te weten wat je moet doen om het probleem van de zorgvrager op te lossen of zo goed mogelijk te behandelen. Je verwerft kennis en vaardigheden die voor de zorgvrager levensbelangrijk kunnen zijn. Je plakt op de zieke mens het label patiënt waarna hij vooraan in het zorgsysteem wordt geduwd. Tijdens het zorgproces past elke zorgverstrekker toe wat hij heeft geleerd en klaar is kees. Na afloop rolt de patiënt er behandeld uit. Goedbedoeld en deskundig, maar lopendebandwerk. Zo is het jaren geweest en zo is het te vaak nog.

De vaardigheden van de zorgverstrekker = een arsenaal.

Maar zo kan het niet langer en zover had het ook nooit mogen komen. Die reparatie-aanpak houdt immers te weinig rekening met de effecten op middellange en lange termijn op het leven van de zorgvrager en diens leefomgeving en met zijn levenskwaliteit eens hij dus van de band is gerold. En dat is geen detail, het is de essentie. Het betekent dat je als zorgverstrekker niet langer gewoon maar kan doen wat jou voor de zorgvrager het beste lijkt, maar dat je dat door de zorgvrager laat bepalen. Dat heet patient-centered of doelgerichte zorg, het doel van de zorgvrager staat voorop. Dat doel wordt mee beïnvloed door zijn waarden, normen, voorkeuren en noden, en diens naasten, leefomgeving en werksituatie. De toepassing van de vaardigheden van de zorgverstrekker wordt daardoor voorwaardelijk, ze zijn een arsenaal. Vóór dat arsenaal wordt aangeboord, wordt de zorgvrager adequaat geïnformeerd over alle voor en tegens zodat hij met kennis van zaken kan zeggen wat hij wenst. Pas als er een duidelijke consensus is tussen zorgvrager en zorgverstrekker over wat bereikt kan en moet worden, start het zorgproces. Ze gaan dan beiden een gezamenlijk gedragen pad. De paradigmashift zit hem in de andere attitude die dat van de zorgverstrekker vereist. Hij zit niet meer alleen aan de knoppen; ook de zorgvrager zit in de stuurcabine, ze vormen een team dat samen stuurt. Daar worden zorgverstrekkers vandaag niet voor opgeleid en dat zou anders moeten.

Lees verder onder de foto.

 Voor jezelf kunnen opkomen

Wie mee in de cockpit zit, draagt ook mee verantwoordelijkheid. Dat principe leidt tot een andere noodzakelijke attitude-paradigmashift, die van de zorgvrager. Die is het gewoon zijn stem niet te mogen laten horen en zorgverstrekkers tegenover zich te hebben die onvoldoende naar hem luisteren. Hij is geconditioneerd op ondergaan. Natuurlijk zijn er zorgvragers die wel weerstand bieden en sommigen gaan daar erg ver in, alsof ze een klant zijn die op zijn wensen bediend moet worden. Dat is niet de attitude die wenselijk is. De gepaste attitude is gekoppeld aan gedrag afgestemd op overleg, op onderhandelen over wat kan en moet en in welke omstandigheden, op samenwerken en op wederzijds respect. Dat vraagt om wat ‘’participatieve competentie” wordt genoemd, de bekwaamheid om voor jezelf op te komen. Zorgvragers die daartoe niet over de intellectuele capaciteiten beschikken, kunnen worden bijgestaan door mantelzorgers of naasten. Wie mee aan het stuur wil zitten, maar die het aan de nodige vaardigheden ontbreekt, kan die aanleren. Daar kunnen zorgverstrekkers, patiëntenverenigingen en lotgenotengroepen, zorgorganisaties en overheden ondersteuning bieden.

Nood aan een betrokken zorgvrager

Dat is geen vrijblijvende oefening. Als je wil dat een zorgvrager de behandeling correct toepast, moet hij daar intrinsiek voor gemotiveerd zijn. Als we willen dat in de zorg het aandeel thuis- en zelfzorg stijgt en nodeloze behandelingen worden vermeden, dan is er een zorgvrager nodig die nauw betrokken is. Meer nog, hij is mee aansprakelijk voor zijn gezondheid en moet doen wat hij kan om geen of niet langer zorg nodig te hebben. Daartoe moet ook patient-centered communicatie worden ingezet. Ook de zorgvrager ziet de zorg nog te veel als een garage die motorproblemen herstelt. Een auto moet een geregelde onderhoudsbeurt krijgen en er moet met zorg mee worden gereden. Preventie en het dus zo gezond mogelijk leven is ook een aspect dat vervat zit in de paradigmashift eigen aan de zorgvrager.

Die ganse verandering kan je samenvatten als ‘Patient Empowerment’, het proces dat een zorgvrager zelfcontrole of een gevoel van zelfcontrole geeft over het management van zijn conditie in het dagelijks leven.

Wishful thinking?

Waarom zou het wishful thinking zijn als het realiseren is gekoppeld aan de attitude van ieder van ons? We hoeven geen bergen te verzetten. In de spiegel kijken en ons gedrag aanpassen, ook in kleine dingen, is een belangrijk begin. De vzw Patient Empowerment heeft zich tot doel gesteld daartoe bij te dragen. Daar is de slogan van de sensibiliserende campagne, die op 26 oktober start, niet vreemd aan: “Je hebt mekaar meer te vertellen dan je denkt”. En ook de publicatie van het ‘Praktijkboek Patient Empowerment voor Zorgverstrekkers en zorgorganisaties’ is geen toeval. Info op www.patientempowerment.be.

Waarop wachten? Laten we het nu doen.

Edgard Eeckman Edgard Eeckman
Edgard Eeckman
Voorzitter vzw Patient Empowerment
Edgard Eeckman is voorzitter van de vzw Patient Empowerment. Hij is auteur van ‘Balanceren tussen macht en onmacht. Patient empowerment als grondslag voor gelijkwaardigheid in de relatie patiënt-arts’, coauteur van ‘De goden lossen het op. Op weg naar een nieuwe gezondheidszorg’, co-uitgever van ‘Communicatie Troef. Doeltreffend communiceren in en door zorgorganisaties’, gast-professor over Patient Empowerment aan de Erasmushogeschool Brussel en wetenschappelijk medewerker aangesloten bij de VUB-onderzoeksgroep ECHO. Hij was 16 jaar lang communicatiemanager van UZ Brussel.

Respect zit verweven in het DNA van het UZ Brussel. Daarom staat respect ook centraal bij het reageren op nieuws- of blogberichten. We kennen graag uw graag mening en staan open voor suggesties of vragen, maar vragen wel om een aantal simpele regels in acht te nemen. Alleen reacties die de regels respecteren, worden goedgekeurd en gepubliceerd.